Tracy Metz, van oorsprong Amerikaanse, is journalist en auteur over urban issues. Zij schrijft voor NRC Handelsblad en voor De Groene en is internationale correspondent voor het Amerikaanse tijdschrift Architectural Record. In 2012 kreeg ze de prijs van Stichting Kasteel Groeneveld toegekend voor haar bijdrage aan het debat over de groene ruimte in Nederland. 

In 2006-'07 kreeg ze de prestigieuze mid-career Loeb Fellowship aan de Graduate School of Design aan de Amerikaanse universiteit Harvard. Aansluitend publiceerde zij een selectie van haar columns en essays over Amerikaanse planning en ruimtegebruik in Op de Grond: Observaties vanuit Harvard. Ook initieerde zij een tweejarige samenwerking tussen Harvard en de (toenmalige) ministeries van Verkeer & Waterstaat en VROM op het gebied van water en klimaat. Zij is nu als visiting fellow aan Harvard verbonden.

In 2007-’08 was zij lid van de Deltacommissie, die de regering moest adviseren over waterveiligheid in de komende één tot twee eeuwen. Daarvoor was ze gastonderzoeker bij het Ruimtelijk Planbureau en lid van de Raad voor het Landelijk Gebied, het onafhankelijke adviesorgaan van het toenmalige ministerie van LNV.

Tracy is auteur van een aantal boeken, vaak in samenwerking met fotografen, waaronder PRET! Leisure en landschap, over de invloed van de vrijetijdsindustrie op onze omgeving (2002). In 2008 publiceerde zij samen met Maartje van den Heuvel Nature as Artifice, over hedendaagse landschapsfotografie, en in 2010 Huis in Frankrijk: Nederlanders en hun maison de campagne.

In februari 2012 verscheen Zoet&Zout: Water en de Nederlanders (Engelse editie: Sweet&Salt: Water and the Dutch), over de extreme makeover van het Nederlands landschap om de nieuwe verhouding tot het water vorm te geven. Prins Willem Alexander nam het eeste exemplaar in ontvangst en opende de gelijknamige tentoonstelling in Kunsthal die door Maartje van den Heuvel is samengesteld, met ruim 125 kunstwerken die de verscheidene verhoudingen tussen Nederlanders en het water laten zien. De tentoonstelling, die t/m 10 juni in de Kunsthal in Rotterdam te zien was, trok 45.000 bezoekers; het boek is binnen een jaar driemaal gedrukt.