Kind is koning

Kind is koning

Ik schreef in Het Parool van 19 januari een essay over opgroeien in de stad. De stad als een fijne plek voor jong én oud. Steeds meer jonge gezinnen blijven in de stad. Wat trekt ze, wat houdt ze in de stad ondanks de krappe ruimte en de hoge huizenprijzen? En welke invloed heeft het gezinsleven op de inrichting en het gebruik van de stad? Maandag 26 januari onderzoek ik dit verder tijdens Stadsleven ‘Opgroeien in de stad’.

De stadskinderen: ze zijn overal. Soms zwaar vertederend als ze met hun waperende haren in het fietszitje met hun moeder aan het zingen zijn. Soms superirritant, wanneer ze op de opening van een tentoonstelling als losse kanonnen door de ruimte rennen en gillen. Maar of ze nou lief zijn of lelijk doen, het zijn er steeds meer en de stad voegt zich er steeds meer naar – met scholen en speelplaatsen, met kindvriendelijke horeca, winkels en voorzieningen en nieuwe producten als de ‘babyccino’ voor de jonge koffieleut. Het bleekneusje van toen is het stadskoninkje van nu.